De boeier Uiltje van Harmen Timmerman

Image_001

De bouw van boeier ’’Uiltje’’

In 1999 pakte ik het plan op, wat ik al sinds mijn jongensjaren had, namelijk het bouwen van een eikenhouten schip. Ik herinner me toen ik vroeger met mijn vader en moeder naar Terschelling op vakantie het wad over voer dat ik mooie houten boten zag, traditionele zeilschepen, hier ging mijn hart sneller van kloppen.

Vanaf kind al lag mijn passie bij de houtbewerking; niet zo gek want mijn vader was een goed houtbewerker, eerst timmerman en later ook een jaar of 10 kerkorgel bouwer. Hij heeft ooit eens een kleine zeilboot opgeknapt die verrot was en hier heb ik toen ook bij geholpen.

Rond mijn 34e levensjaar heb ik een start gemaakt met de plannen voor het bouwen van een boot. Ik kocht toen eerst een lijnenplan (tekening) van een Nederlandse scheepsontwerper, de heer Gipon, hij ontwierp met name traditionele Nederlandse zeilschepen zowel van staal als van hout.

Ik kocht een tekening van een eikenhouten schouw, een knikspant en hier maakte ik een uitslag van (tekening op een grote houten plaat) Dit was nodig om het ontwerp te controleren op het stroken van de lijnen van het schip. We kochten voor weinig geld een paar eikenhouten stammen in het bos van Ommen, mijn geboorteplaats en ook de bouwplaats van de boot. Deze legden we te drogen op latjes.

Tijdens het verder uitwerken van de planvorming begon in te twijfelen of het type schip wat ik wilde bouwen, ik wou toch liever een schip met een ronde vorm, iets van een Lemsteraak een Staverse Jol of een Boeier.

Iemand tipte mij dat er een mooie boeier in het Zuiderzee museum in Enkhuizen lag namelijk ‘’De Sperwer”. Deze is ongeveer 150 jaar geleden gebouwd door de scheepsbouwer Eeltje Holtrop van der Zee. Ik ben toen wezen kijken en besloot dit lijnenplan te gebruiken maar dan 1 meter korter. Dit resulteerde in het plan voor Boeier Uiltje lengte 750 cm over de stevens en 2.87 cm breed.
Ik mocht een foto van een tekening gebruiken die ik uit het archief van het scheepsvaart museum haalde. Hier heb ik toen een groter lijnenplan van gemaakt en om de lijnen goed uit te stroken heb ik een uitslag gemaakt op een grote houten plaat. Schaal 1 : 3.

Omdat je voor het bouwen van een Boeier krommer hout nodig bent hebben we toen nog 2 stammen bijgekocht met een mooie kromming erin. We zijn begonnen met het bouwen van een loods in Ommen bij mijn vader op het erf. Hier is in 2001 de kiel gelegd.

Het schip is gereedgekomen in 2017 en in 2018 te water gelaten.

Boeier Uiltje is gebouwd in Epoxy van West System. Om dit te kunnen moet het hout allemaal terug gedroogd worden tot 12 % of minder. Best lastig als je werkt in een onverwarmde loods. Daarom hebben we in de zomer bij hoge temperaturen de lagen aangebracht. Lijmen kan ook in de winter door de loods iets te verwarmen.

Door gebruik te maken van Epoxy lijmen hebben we in tegenstelling tot vroeger gebruikt gemaakt van lamineer technieken. Met name het berghout en de krommers in het schip zijn gelamineerd. Door in Epoxy te bouwen is het schip droog en hoeft het in het water niet te zwellen. Daarom kan het schip in de winter gewoon in een winterberging liggen en goed onderhouden worden.

Voor het krom maken van de vlak gangen, de huid gangen en ook de boeisels hebben we gebruik gemaakt van het branden van het eikenhout. Door het hout in een brandstelling te plaatsen met aan de achterkant gewicht eraan komt er spanning in het hout. Door nu van onderaf met een gasbrander hitte te ontwikkelen gaat het hout langzaam buigen, je kunt dit zien doordat de plank aan de achterkant zakt, dit moet langzaam gebeuren.

Het hout wordt met name aan de onderkant verhit. Om te voorkomen dat het hout echt vlam vat kun je het soms doven door het gering nat te spuien met het liefst warm water.

Om de plank in de breedte goed in de vorm te krijgen maken we van te voren een mal van een dunne plank die te buigen valt om de noodspanten. Door nu op deze plank kleine stokjes te nieten tegen de al eerder pasgemaakte gang bereik je precies te vorm van de plank aan de binnenkant. Nu moet alleen de schuinte nog worden genomen om bijvoorbeeld een halve meter, we noemen dit de zwei van de plank.

Soms moet een plank ook scheluw worden gebrand, dit bereikt men door aan de achterzijde van de plank een lat te klemmen en het gewicht te hangen buiten de plank aan de kant waar de plank het meest moet zakken om de plank scheluw te krijgen.

De deknaden en de naden tussen de gangen zijn met epoxy met vulmiddel gevuld. Door het hout in epoxy te zetten werkt het hout niet meer. Bij de traditionele bouw wordt gewerkt met werk breeuw een middel van getaand hennep, hierna werd de naad afgewerkt met pek. In de deknaad werden reepjes uit zeildoek gespijkerd en hierna ook met pek dicht gestopt.

Op de boeier is te zien dat met vroeger altijd werkte met de zgn. droge naad stukken, zie de bovenkant van het berghout en de binnenkant aansluiting boeisel met het dek. Dit deed men vroegen om de hoeknaad, die moeilijk te dichten was, te voorkomen en te verleggen naar het platte vlak. Dan kom men in het dek weer een deknaad met zeildoek maken en boven het berghout de naad hoger gelegen breeuwen.

Ik heb bij mijn boeier al deze oude details traditioneel gemaakt ook al werkte ik met de epoxy methode.

Op dit moment vaar ik met het schip al 2 jaar en het schip zeilt voortreffelijk. Het onderhoud gaat ook prima, het schip is nog steeds droog door de epoxy. Wel moet elk jaar goed worden geïnspecteerd op beschadigingen, want epoxy verdraagt geen vocht.

Door de amateurbouw van dit schip boeier Uiltje werk ik inmiddels al 2 jaar als professioneel scheepstimmerman restaurateur.